Zondag 23 oktober rijden we om 04.30 uur weg uit De Rijp, de reis verloopt zeer voorspoedig, via Breda, Antwerpen, Brussel, Namen, Luxemburg, Metz, Nancy, Dijon, Beaune, Autun, Brion, na 7,5 uur en 885 km. verder rijden we het bergpad op.
Benieuwd naar wat deze keer voor verrassingen gaat zorgen worden de sloten verwijderd.
Et voila, alles gortdroog en nauwelijks een muffe lucht in huis. Dan is het zaak de boel op te starten, het aggregaat wordt naar het generator huisje gezeuld en waarachtig het start direct met behulp van startkabels vanaf de Auto, dit zal de rest van de week op dezelfde manier gebeuren omdat de elektronica voor de tweede keer door de bliksem is opgeblazen.
Er is dus stroom, maar wat blijkt, de nieuwe waterpomp die bij het vorig verblijf is geplaatst weigert water op te pompen. Hij zoemt vervaarlijk en dat is het. Ik vermoed roestvorming en weet na enige moeite met een punttang de as een slag te draaien, succes gegarandeerd en er is water. Eerst ook maar eens de waterstand opnemen om te achterhalen of we wel of niet uitgebreid onder de douche kunnen, 90 cm, dat is net zoveel als de afgelopen zomer en toen moesten we daar 3,5 week mee doen. Kwartier maken is inmiddels routine en in no time zijn we gesetteld. Vervolgens de slaapkamer van Dave dweilen, ivm boktor is het houten plafond en ander houtwerk besproeid met gif, de nevel heeft echter een vieze kleverige laag veroorzaakt op de laminaatvloer, ik had maar “een uur” nodig om het schoon te krijgen. Rondom in het bos wordt er vrolijk op los geknald door de jagers, het is tenslotte zondag, de boswandeling wordt daarom maar even uitgesteld “stel je voor”. Dan duiken er ineens 2 jachthonden op en hollen al snuffelend ons volkomen negerend tussen de benen door. Aan de andere kant van het terrein lopen doodgemoedereerd twee jagers alsof het hun domein is, er staan toch echt borden met “entree interdite”. Na een aantal uur het aggregaat uitgezet en over op accu’s, mooi niet dus! Acculader is ook te barsten en omdat er reeds het vermoeden bestond “vanwege de blikseminslag” heb ik een reserve acculader aangeschaft. Het is afwachten of deze lader geschikt is om de accu’s in korte tijd op te laden. Terwijl ik in de weer ben met de stroomvoorziening komt er een vervaarlijk uitgedoste man met jachtgeweer en bloedhond (gelukkig aangelijnd) vanuit het bos op mij af. Hij begint tegen mij te praten waarop ik hem duidelijk maak dat Frans maar een petit peu door mij wordt beheerst. Het blijkt om twee zoekgeraakte jachthonden te gaan, tout droit leg ik hem uit, ongeveer een uur geleden, hij keek mij verschrikt aan en nam vervolgens al schreeuwend de benen richting collega jagers! Dave kwam terstond informeren wat ik de man had aangedaan.
Nog voor het duister invalt maken we een rondje over het terrein, paddestoelen, tamme kastanjes, hazelnoten, een intense boslucht en prachtige herfstkleuren, nu weten we weer waarom we deze plek hebben uitgekozen. Op het einde van de inspectietocht staan we achter het huis en horen ineens een hoop gekraak en geritsel, voor ons springt een hert, over het hoofd gezien door de jagers, uit het struikgewas en neemt de benen, de dag kon niet meer stuk.
De volgende dagen zullen we een aantal bomen vellen, omdat ze tussen andere bomen in staan kunnen we ze niet laten vallen en moeten dus stukje bij beetje naar beneden worden gehaald.
Yourie, een vriend van Bob, beheerst deze kunst en zal met klimtouwen de boom in gaan om zo, veilig deze klus te klaren
Hier is een fotoverslag van zijn halsbrekende toeren, natuurlijk hebben Dave,Bob, Truda en ook ik even in de touwen gehangen. Helemaal fout dus! Dave staat erop dat wij ook in het bezit van deze handige hulpmiddelen moeten komen, ik moet zeggen dat het idee mij niet tegenstaat 